top of page

Jagen, verzamelen, opvoeden

Michaeleen Doucleff
320 pagina’s
ISBN 9789400513167
Uitgeverij Lev.

​

Jagen, verzamelen, opvoeden gaat over een vraag die veel ouders zullen herkennen: waarom voelt opvoeden in onze westerse cultuur vaak zo intensief, vermoeiend en strijdlustig, terwijl kinderen in andere culturen soms veel vanzelfsprekender lijken mee te bewegen met het gezinsleven? Michaeleen Doucleff, journalist en moeder, reist met haar jonge dochter naar verschillende gemeenschappen en onderzoekt wat ouders daar anders doen.

​

Het boek is opgebouwd rond observaties bij onder andere Maya-, Inuit- en Hadza-gemeenschappen. Doucleff beschrijft hoe kinderen daar vaak al vroeg worden betrokken bij het dagelijks leven, hoe ouders minder controleren en corrigeren, en hoe samenwerken, helpen en meedoen veel natuurlijker onderdeel zijn van de opvoeding. In plaats van kinderen voortdurend bezig te houden, te belonen of te overtuigen, ligt de nadruk meer op nabijheid, voordoen, rust, verantwoordelijkheid en het vertrouwen dat kinderen willen bijdragen.

Wat mij aanspreekt, is dat het boek iets zichtbaar maakt wat we in onze cultuur gemakkelijk kwijt kunnen raken. Opvoeden is bij ons vaak een project geworden. We lezen, plannen, corrigeren, stimuleren, leggen uit en willen het graag goed doen. Daar zit veel liefde in, maar soms ook veel spanning. Doucleff laat zien dat kinderen niet altijd méér instructie nodig hebben, maar soms juist meer gelegenheid om vanzelf onderdeel te zijn van het gewone leven.

​

Interessant vind ik vooral haar aandacht voor behulpzaamheid. Veel jonge kinderen willen van nature meedoen. Ze willen dragen, vegen, roeren, iets aangeven, ergens bij horen. In onze haast nemen we dat vaak over omdat het sneller, netter of gemakkelijker is. Daarmee leren kinderen onbedoeld dat het huishouden iets van volwassenen is en dat hun bijdrage niet echt nodig is. Het boek nodigt uit om anders te kijken: niet hoe krijg ik mijn kind zover dat het helpt, maar hoe zorg ik dat helpen vanzelfsprekend onderdeel blijft van samenleven?

​

Ook de stukken over boosheid en corrigeren zijn waardevol. Doucleff beschrijft hoe sommige ouders veel minder verbaal ingrijpen en veel minder strijd aangaan. Niet alles hoeft onmiddellijk uitgelegd, besproken of opgelost te worden. Soms helpt het juist om als ouder rustiger te blijven, minder frontaal te reageren en gedrag meer te begeleiden dan te bevechten. Dat sluit mooi aan bij wat we weten over co-regulatie: een kind leert zijn emoties niet doordat een ouder alles perfect uitlegt, maar doordat het herhaaldelijk ervaart dat een volwassene zelf voldoende stevig en rustig kan blijven.

​

Vanuit psychologisch perspectief vind ik het boek inspirerend, maar niet zonder kanttekeningen. Het risico bestaat dat oude of niet-westerse culturen wat romantisch worden neergezet. Ook kun je opvoedpraktijken niet zomaar uit hun sociale context halen. Een gemeenschap waarin kinderen de hele dag omringd zijn door meerdere volwassenen, broers, zussen, neven en buren is iets anders dan een klein gezin waarin twee ouders werk, huishouden, school, schermen en vermoeidheid moeten combineren. Wat in de ene context vanzelfsprekend werkt, vraagt in een andere context soms om vertaling.

Daarnaast is het boek vooral gebaseerd op observaties, interviews en journalistiek onderzoek. Dat maakt het levendig en toegankelijk, maar het is geen strikt wetenschappelijk handboek over opvoeding. Sommige conclusies worden vrij stevig neergezet, terwijl er in werkelijkheid meer nuance nodig is. Toch hoeft dat geen bezwaar te zijn wanneer je het leest als inspiratiebron en niet als methode die je precies moet overnemen.

​

De kracht van Jagen, verzamelen, opvoeden ligt voor mij vooral in de uitnodiging om minder krampachtig te worden. Minder opvoeden als voortdurend sturen en meer opvoeden als samenleven. Minder nadruk op belonen, overtuigen en corrigeren, en meer aandacht voor voordoen, betrekken, vertragen en vertrouwen.

Wellicht is dat ook waarom het boek prettig blijft hangen. Het zegt niet dat ouders harder hun best moeten doen. Het suggereert eerder dat we soms iets mogen loslaten. Kinderen hoeven niet overal buiten gehouden te worden totdat ze groot genoeg zijn om mee te doen. Ze worden juist groot door mee te mogen doen.

​

Een toegankelijk en prikkelend boek voor ouders die niet zoeken naar nóg een opvoedtruc, maar naar een bredere manier om naar kinderen, gezinsleven en verantwoordelijkheid te kijken.

06-2257 1210

©2026 by GGZ IJssel-Berkel

bottom of page